jeudi, décembre 08, 2005

Er ging geen dag voorbij of de eekhoorn was wel op stap.

"Er ging geen dag voorbij of de eekhoorn was wel op stap. Hij liet zich 's ochtends uit de beukeboom vallen op het mos, of soms van het puntje van een tak in de vijver op de rug van de libel, die hem dan zwijgend naar de kant bracht. Hij sloeg altijd de eerste de beste weg in die voor zijn voeten kwam. Maar als hij een zijweg zag dan sloeg hij die in, en als het hem lukte zijn plannen voor die dag te vergeten dan vergat hij ze. Zo was hij op een dag op weg naar de olifant die ging verhuizen en nog wat hulp nodig had, toen hij een kronkelig zandpad zag. Dat sloeg hij in. Er stond een bordje:

WEG NAAR DE RAND.

Daar wil ik heen! dacht de eekhoorn. Maar tot zijn verdriet was er al spoedig weer een zijweg die hij niet links kon laten liggen, hoe graag hij het ook had gewild.

DOODLOPENDE WEG,

stond er op een bordje op de zijweg. Met grote tegenzin liep de eekhoorn langs deze weg die al snel doodliep in een dik en doornig struikgewas. De eekhoorn haalde zijn huid open en worstelde langdurig met het struikgewas. Toen rolde hij in een greppel en sliep onder een deken van oude bladeren. Toen hij wakker werd was het avond en kon hij weer gaan slapen. De volgende ochtend bereikte hij een weg die hem zonder omwegen of zijwegen naar het strand bracht. Daar lag een bootje gereed. De eekhoorn stapte aan boord en voer naar de horizon, en vervolgens over de horizon langs kromme zeeën, door poorten in ijsbergen en over spiegelgladde watervlaktes naar steeds weer nieuwe horizonnen. Soms voer hij loodrecht naar beneden langs de randen van reusachtige draaikolken, soms vloog hij van top naar top over de toppen van witte golven. De zon werd steeds groter en groter, of misschien werd zij niet groter maar kwam zij steeds dichterbij. Ten slotte werd de eekhoorn door een golf op een kust geworpen waar hij avonturen beleefde, zo veel en zo wonderbaarlijk dat hij er nog weken over vertelde toen hij kort daarna weer thuis was. Tot de mier en de egel, twee vrienden van hem, er genoeg van kregen en hem dat ook zeiden. 'En óveral daar...' probeerde de eekhoorn nog. 'Genoeg!' gilde de mier." (uit: Mischien wisten zij wel alles. Toon Tellegen)

En ja, de eekhoorn wist alles, of toch wel heel veel. Dat zijwegen er zijn om in te slaan. Dat het beter is houthakkertjesweggetjes in te gaan, waar je zelf moet kappen en zoeken en zelfs de kans loopt dat ze misschien 'nergens', of althans niet naar het verwachte leiden.

Verwachtingen zijn er trouwens om te beseffen dat men geen verwachtingen mag hebben...

Terug naar de houthakkersweggetjes. Ze zijn altijd beter dan de 2-vaksweg die je maar te volgen hebt. Laat ons dus maar zijweggetjes inslaan, verrast worden, ontsporen, ... en steeds bijleren om zo nog bewuster te zijn van het wonderbaarlijke feit dat we Leven. Hier en Nu.

En wat als de angst voor mislukking opduikt?

"Het is niet omdat iets moeilijk is dat we het niet durven,
het is omdat we het niet durven dat het moeilijk is."
(Luceus Annaeus Seneca, Romeinse theaterschrijver)

En bovendien:

"Beter handelen en spijt hebben
dan niet handelen en spijt hebben."
(Machiavelli)

Deze woorden zijn louter bedoeld als troost, als helende kracht voor mezelve wanneer ik tegen de eerstvolgende muur zal botsen op het einde van een doodlopende weg.